BlundR #2: No Shit

Ken je van die moeders die alles helemaal onder controle lijken te hebben? Hun kids zien er altijd uit alsof ze net uit de stomerij komen, door de carwash zijn gegaan en een stand-by kapper aan hun zijde hebben om die lokken in model te houden. Daarnaast zal je zo’n moeder nooit betrappen op een vergeten afspraak, een chaotisch huis of een te diepe fronsrimpel van alle stress die ze obviously niet ervaart. Ik namelijk niet. And I’m glad I don’t. Vergeleken met hen is een ronde kijken-vergelijken namelijk alles behalve grappig (voor mij dan). Daarom hier een nieuwe ronde van BlundR waar ik jullie meeneem in de wondere wereld van de moeders die het, laten we het zo zeggen, niet-zo-onder-controle hebben.

Het begon allemaal als een heerlijke dag. Het zonnetje scheen, we hadden ons rondje over de markt gemaakt en het was zelfs gelukt om die middag een vrijmibo te plannen bij een vriendin met de kids. Superveel zin in, want sinds we allemaal een gezin, huishouden en carrière hebben zijn die spontane dates zeldzaam. Huis was op orde, eten voor die avond viel in de categorie ‘afhalen’ en de auto was ingepakt. Let’s go! Omdat ik 6 jaar geleden naar een andere plek ben verhuist is het altijd een stukje rijden om bij mijn vriendengroep te zijn, maar het merendeel van die groep zou diezelfde middag komen borrelen. Superleuk om weer eens met z’n allen te zijn. Eenmaal aangekomen zet ik mijn auto neer op 1 van de weinige parkeerplekken voor de deur. Het was een plek voor elektrische voertuigen, maar he, ik heb hybride. Acceptabel, al vond ik dat zelf. Voor in de tuin zie ik al kindjes spelen op de trampoline en mijn vrienden zitten heerlijk in de zon aan de picknicktafel. Helemaal genieten! Ik plof samen met de kleine man van 2,5 maand op m’n arm op de lege plek aan de picknicktafel en zie ineens een vriendin van me naar kijken. En met kijken bedoel ik: 2 paar grote ogen die echt iets willen zeggen, maar nog niet weten hoe. Dus toen ik haar vroeg wat er was, zei ze voorzichtig: ‘Chadee, je kind heeft volledig langs z’n luier gepoept.’ Oh, shit. En inderdaad. Die hele romper, broek en trui zaten onder. Heb ik weer! Dus ik grijp naar mijn luiertas om in ieder geval een nieuwe romper te pakken. Dit was hét moment dat ik mezelf officieel niet schaalde onder ‘moms in control’, want zoals je al kan raden: Ik had niks bij me. Kon wel leuk in die tas gaan kijken, maar daar ging ik niks vinden. Dus om deze very common mistake ietwat te verhelpen ben ik naar binnen gegaan om hem te verschonen en heb ik zijn broek daarbij achterwegen gelaten. Doek eromheen en let’s go again.

Eenmaal weer terug aan tafel begon de baby te huilen. Jup, etenstijd. Dus ik pak mijn prepare-the-bottle spullen uit de tas, zet het water in de flessenverwarmer en wacht tot die klaar is. Komt mijn andere zoontje huilend naar me toe. Hij wou het speelgoed dat hij had niet delen. Oh, dear. Oke, eerst dit brandje blussen en dan op naar het flesje. Zo gezegd, zo gedaan. Flesje was klaar en ook die kon gegeven worden. Eenmaal mijn kind aan de fles en mijn andere kind aan het spelen hoorde ik het wederom misgaan. M’n kind in mijn arm scheet wéér zijn luier vol en mijn andere kind begon wéér te huilen, want ook het andere speelgoed wou hij niet delen. Mijn vriendinnen wouden mij allemaal te hulp schieten, maar dat plan verdween als rook voor de zon. Mijn zoontje ging als een soort koalabeertje aan mijn been hangen en m’n baby moest echt verschoond worden. Dus het werd hoog tijd voor Supermommy 2.0. Alleen kon ik op dat moment na een week van weinig slaap, nog veel hormonen in het lijf en weinig incasseringsvermogen alleen nog een halve Sleepless Mom 1.0 klaarspelen. Kind mee naar binnen om hem daar om te kopen met 1 van de 100 andere autootjes en ondertussen zorgen dat de baby geen spoor van vernieling over de grond achterliet en snel een schone luier!

Oke, Murphy’s Law. You didn’t get me down. Je hebt nu al je kaarten verspild en ik ga nu zitten. Ik ga wat van die borrelplank eten. En ik ga mijn inmiddels koude chai latte opdrinken. Kinderen zijn oke, ik ben oke, het is oke. Well.. guess who’s laughing now? Precies. Murphy. Want ookal heb je alle brandjes geblust, is er niet veel meer wat er mis kan gaan, dan vindt Murphy nog wel iets. Of eigenlijk, helemaal niets, maar huilen kan altijd. Toch? Dat dachten allebei mijn kids ook! Whoehoe. Gewoon even beide tegelijk op hetzelfde standje oorverdoving huilen om mama. Oke, that’s it. Ik weet niet hoe de gemiddelde moeder dit incasseert, maar mijn vermogen was op. Dus alles wat mij nog te doen stond was zelf ook maar gaan huilen. In het bijzijn van mijn vrienden. Van mijn kinderen. En het ook maar gewoon laten gaan. M’n vriendin pakte de baby over en ik ging samen met mijn oudste zoontje even binnen bijkomen.

Het klinkt nu alsof er een hele scène plaatsvond, maar achteraf hoorde ik dat eigenlijk maar 3 mensen meekregen wat er gebeurde en die 3 begrepen dit volledig. Ook zat mijn mascara nog (redelijk) op z’n plek, dus het panda-gehalte viel ook wel mee. Maar eerlijk is eerlijk, ik had gewoon lekker naar huis moeten gaan toen ik merkte dat ik en mijn kids aan onze tax zaten. En dat is een les die ik nu wel geleerd heb: Niemand heeft er iets aan wanneer ik mijn (of die van m’n kids) grenzen negeer. Dan kan ik beter accepteren ‘it is what it is’ en lekker naar huis gaan. Vind ik het jammer dat ik dan niet als laatste wegga van het feestje? Probably. Maar vind ik het heel erg als ik dan thuis ben en zie dat ik het voor mezelf en mijn kindjes goed heb gedaan en iedereen zich oke voelt? Let’s make ourselves that promise. En weetjewat? De week daarop ben ik gewoon weer naar dezelfde vriendin gegaan voor een verjaardag. En toen ik zag dat mijn zoontje moe werd hebben we iedereen een dikke knuffel gegeven, zijn we naar huis gegaan en keken we s’avonds op een superleuke middag terug. Zonder tranen. En zonder shit.

Geef een reactie